Aanpassingen aan BVR goedgekeurd

De Vlaamse stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid is nu reeds enkele maanden van kracht (sinds 1 maart 2010). De concrete toepassing van deze stedenbouwkundige toegankelijkheidsverordening maakte echter duidelijk dat de tekst van de verordening nog een aantal fouten bevatte. Diverse vragen, gesteld vanuit verschillende sectoren, toonden ook aan dat een aantal zaken duidelijker geformuleerd kon worden.

Op initiatief van Vlaams ministers Philippe Muyters en Pascal Smet werd zo snel mogelijk een voorstel uitgewerkt om deze fouten recht te zetten. Dit was tevens de ideale gelegenheid om de teksten op een aantal punten te verduidelijken en eenduidiger te maken.

Op vrijdag 2 juli 2010 werd er dan ook een principiële goedkeuring gegeven over de wijziging van de regelgeving toegankelijkheid.

Na overleg met de Vereniging van de Vlaamse Provincies, de Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten en met vertegenwoordigers van de architecten, en na advies van de VLACORO heeft de Vlaamse Regering op 26 november ll. opnieuw de wijziging van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening over toegankelijkheid principieel goedgekeurd

Na advies van de Raad van State besliste de Vlaamse Regering op 18 februari 2011 tot een definitieve goedkeuring van de voorgestelde wijzigingen van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid.

De gewijzigde toegankelijkheidsverordening zal 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad in werking treden. Gezien de tekst ook nog moet worden vertaald, kan deze publicatie wel nog even op zich laten wachten (naar schatting 2 tot 3 weken).


De belangrijkste wijzigingen in een notendop:

  • Toeristische verblijfsaccommodaties: voortaan zal de grootte van de verbruiksruimte van doorslaggevend belang zijn voor het bepalen van het toepassingsgebied bij kleinere verblijfsaccommodaties (maximaal 10 accommodaties).
  • De bepalingen betreffende groepswoningbouw werden geschrapt uit de verordening. In het geval van groepswoningbouw zullen de verschillende woongebouwen vanaf nu elk apart bekeken worden (ook al zijn ze gelegen op één perceel).
  • Voor alle gebouwentypes van artikel 5 (meergezinswoningen, kamerwoningen, studentenhuizen, studentengemeenschapshuizen, gezondheidsinstellingen en welzijnsinstellingen met kamers of wooneenheden, internaten en strafinrichtingen) wordt een bijkomende overgangsmaatregel ingevoerd, zodanig dat tijdelijk de regels voor de verdiepingen enkel gelden wanneer er toegangsdeuren tot wooneenheden of kamers zijn op meer dan 3 niveaus (in plaats van 2 niveaus). De bepalingen inzake aantallen kamers of wooneenheden blijven hierbij ongewijzigd. Deze overgangsmaatregel geldt voor alle vergunningsaanvragen die worden ingediend vóór 1 januari 2013.
  • Voor deze meergezinswoningen, kamerwoningen, studentenhuizen, studentengemeenschapshuizen, gezondheidsinstellingen en welzijnsinstellingen met kamers of wooneenheden, internaten en strafinrichtingen wordt verduidelijkt dat wanneer deze gebouwentypes worden opgesplitst door meerdere toegangen te voorzien, voor zover ze één fysiek aansluitend geheel vormen, ze toch samengeteld worden voor de toepassing van de toegankelijkheidscriteria. In het geval dat het een meergezinswoning, kamerwoning, studentenhuis of studentengemeenschapshuis betreft die onder het toepassingsgebied van de toegankelijkheidsverordening valt, gelden op die onderdelen van het gebouw waar de toegangsdeuren tot de wooneenheden of kamers zich op maximaal 2 niveaus bevinden, de bepalingen enkel voor de gelijkvloerse verdieping (de trappen naar andere niveaus niet inbegrepen).
  • Voor meergezinswoningen, kamerwoningen, studentenhuizen en studentengemeenschapshuizen geldt ook nog dat:
    de trap niet langer moet voldoen aan de toegankelijkheidsbepalingen als er een toegankelijke lift is;
    de toegankelijkheidsbepalingen voor de toegangsdeuren tot wooneenheden of kamers, enkel van toepassing zijn aan de publieke zijde van deze toegangsdeuren.
  • Van gebouwen zonder verblijfs- of woonfunctie met een publiek toegankelijke oppervlakte van minder dan 150m², wordt nu naast een toegankelijke toegang ook een toegankelijk toegangspad gevraagd. Het zou al te gek zijn een toegankelijke deur te voorzien waarvoor er zich nog enkele treden bevinden. Gezien de verordening op dit punt iets strenger wordt, zal hiervoor in een overgangstermijn worden voorzien en zal deze bepaling pas toegepast moeten worden vanaf 6 maanden na de publicatie in het Belgisch Staatsblad.
  • Een aantal normen werden aangepast:
    - Het is niet langer verplicht om telkens zowel een aangepast sanitair, kleedruimte of pashokje voor mannen als voor vrouwen te voorzien, wanneer er een multifunctionele ruimte wordt gecreëerd die voor beide seksen toegankelijk is en in een neutrale zone is gelegen.
    - Tussenbordessen van een helling moeten voortaan slechts 120 cm op 150 cm groot zijn wanneer er geen verandering in richting is. Wordt er via het tussenbordes wel een richtingsverandering gerealiseerd, dan blijft de te respecteren maat 150 cm op 150 cm.
    - De vrije doorgangshoogte van deuren wordt beter afgestemd op de courante standaardmaten: 2,09 m in plaats van 2,10 m.
    - Deuren die toegang geven tot een ruimte die uitsluitend gebruikt wordt als trappenhal moeten niet langer voldoen aan de toegankelijkheidsvoorschriften

Bron: www.toegankelijkgebouw.be

U vindt de nieuwe tekst van het BVR hier.